Die Ausstellung in Bildern - Fotogalerie

Trailer zur Ausstellung

Neues aus der Ausstellung

De geschiedenis van de receptie van de fabelverzameling in Europa

Belangrijke etappes in de vroege geschiedenis van de receptie van >Kalila wa-Dimna< in Europa zijn de vertalingen naar het:

Onder de vanuit de Latijnse versie uitgaande volkstalige omzettingen in Europa komt in het Duitstalige gebied vooral de vertaling van Antonius von Pforr (gest. 1483): <Buch der byspel der alten wysen von geschlechten der welt< een bijzondere betekenis toe. Het werk verscheen vanaf omstreeks 1480 tot 1600 in 18 oplagen resp. nieuwe drukken en vormde de grondslag van de overbrenging in het Noordwesten van Europa. Na 1600 brak de geschiedenis van de receptie van >Kalila wa-Dimna< in Duitsland aanvankelijk af.

Pas in de late 17de eeuw kwam de verzameling onder de aandacht. In het bijzonder door Jean de La Fontaine (1621-1695) die in de laatste zes delen van zijn uit twaalf boeken bestaande >fables< (delen 7-11: 1678/79, deel 12: 1693) vooral teksten uit >Kalila wa-Dimna< opnam en in versvorm bewerkte. Door de bemiddeling van La Fontaine (of beter gezegd door vertalingen en bewerkingen van zijn >fables<) werden de Arabische fabels - wier herkomst niet altijd is vermeld - behalve in Frankrijk in brede lagen ook spoedig bekend in Italie, Spanje, Engeland, Rusland en Duitsland. In Duitsland laten zich via La Fontaine sporen van >Kalila wa-Dimna< o.a. bij Christian Fürchtegott Gellert (1715-1769), Gotthold Ephraim Lessing (1729-1781) en Gottlieb Konrad Pfeffel (1739-1809) constateren. Een fundamenteel, grondig onderzoek van de directe en indirecte receptie van >Kalila wa-Dimna< in Duitsland ontbreekt nog steeds.